Een poppetje van niets!

Heeft u dat ook! Opeens de neiging om je ervaringen of dat wat je is overkomen op papier te willen zetten. Soms ben ik net de spin Sebastiaan die het niet kon laten een web te weven.

Mijn eerste verhaaltje neemt je mee terug naar de Spaanse burgeroorlog.

Marie Nieves maakte schoon in een heel groot herenhuis in Victoria. Soms gingen haar dochtertjes van 5 en 8 mee. Die vergaapten zich aan het luxe poppenhuis dat de kinderen van de bewoners hadden en er eigenlijk niet naar omkeken. Poetsten daarna de schoenen van de bewoners voor wat zakgeld. Jorge de vader werkte na zijn reguliere baan in de tuin. Geld voor zo’n poppenhuis was er bij hun niet. Drie koningen kwam in aantocht en wat vroegen de meisjes….. een poppenhuis. En er kwam een huis voor de meiden, gemaakt van tuinhout sinaasappelkistjes en meubeltjes van alle materialen die ze konden vinden. Poppetjes gemaakt van papier-maché en ijzerdraad. Van lapjes en restjes wol werden kleedjes en dekentjes gemaakt.

Het huis is al lang verloren. Het enige wat over is is een poppetje van niets zoals haar vader dat noemde. Heel voorzichtig mocht ik er even naar kijken.
Marie Nieves, de kleindochter van de hoofdpersoon, was schippersweduwe en werkte bij mijn grootouders. Mijn oma was invalide en ik woonde bij hen om gezondheidsredenen.
Maria zorgde voor ons twee als mijn grootvader aan het werk was. Als zij vertelde ging het kleine manneke leven. Liet zij de zon schijnen.
Na drie generaties was er nog steeds spel plezier met het mannetje van niets, dat alles was!